Wat voor een koffie wil je?
Welke koffie wil je?
Een koffie met melk.
Een koffie met suiker.
Een koffie met melk en suiker.
Een koffie zonder melk.
Een koffie zonder suiker.
Een koffie zonder iets.
Ik drink graag cappuccino.
Wil je een Belgische cappuccino met room?
Of een echte cappuccino met gestoomde melk?
Echt (= real, genuine)
Ik wil een cappuccino met gestoomde melk en suiker, kaneel en cacao.
Een koffie met normale melk?
normaal (= normal)
Een koffie met gewone melk?
gewoon (= ordinary, the usual)
Of met plantaardige melk?
plantaardig (= plant based)
Een gewone koffie
Een sterke koffie
Een lichte koffie = een slappe koffie
Licht (= light, mild, soft)
Een koffie verkeerd = Een koffie met veel melk.
Wat voor een thee wilt u?
Welke thee wilt u?
Een groene thee, zonder suiker maar met citroen en honing.
Een Algerijnse thee met munt.
Dat is genoeg.
Genoeg (= enough)
De manager van de koffieshop beneden is tamelijk direct.
Tamelijk (= rather, quite)